Personaliaportret PC Hooft

Pieter Corneliszoon Hooft, geboren op 16 maart 1581, was dichter, dramaschrijver en historicus van beroep.

Hij was de zoon van de beroemde meervoudig Amsterdamse burgemeester, P. C. Hooft.

Hij maakte, na een zorgvuldige opvoeding genoten te hebben van zijn zeventiende tot zijn twintigste jaar, een reis door Frankrijk,Italië en Duitsland. Deze reis droeg zeer veel bij tot zijn ontwikkeling, vooral op het gebied van de letterkunde, zijn lieverlingsstudie.
Na zijn terugkomst studeerde hij letteren en rechten in Leiden en werd in 1609 door Prins Maurits benoemd tot Baljuw van Gooiland, Drost van Muiden en Hoofdofficier van Weesp en Weespercarspel. Daardoor bewoonde hij 's zomers het Muiderslot, waar hij een kring van kunstvrienden (Muiderkring) om zich verzamelde, die door hun onderling verkeer gunstig werkten op elkanders letterkundige vorming en ontwikkeling.
Hugo de Groot, Van Baerle, Real, Huyghens, Anna en Marie Tesselschade, Vossius en vele anderen ontmoetten elkaar vrij geregeld op " 't hooghe Huis te Muiden". Hooft was zowel, door zijn kennis en talent, in de rederijkerskame "In Liefde Bloeyende" als in zijn eigen gastvrije woning de steun en het voorbeeld voor zijn letterkundige vrienden. Hij was tweemaal getrouwd, eerst met Kristina van Erp, later met Eleanora Hellemans. Hij schreef een groot aantal Minnedichten, enige treurspelen, het herdersspel Grandina, het blijspel Warenar, het Leven van Hendrik de Groote en de Nederlandse Historiën.

De aard van de persoon Hooft sprak toen der tijd veel minder tot de verbeelding van het volk dan die van Van de Vondel. Dit is niet moeilijk te begrijpen. Van aard was Hooft een aristocraat, die zijn leven en werk slechts in dienst heeft gesteld van de schoonheid, en die zijn toneelspelen - een enkele uitzondering daargelaten - vrijwel alleen heeft geschreven om er zijn wijsbegerige en politieke ideeën in te kunnen verwerken; het werden overpeinzingen, betogen, vaak van hoog poëtische gehalte en geschreven door een man van grote smaak en hoge ontwikkeling die uit zijn afzondering als individu het leven van zijn volk gadesloeg maar er in de praktijk weinig aan deel nam.

English language